Jodendom, belangrijkste feesten

 

 

De Joodse kalender is een maankalender, waaraan soms een dertiende maand wordt toegevoegd. De kalender begint met het jaar van de schepping. Het Christelijke jaar 2000, is volgens de Joodse kalender het jaar 5760. De Joodse dag begint met het vallen van de avond. Feesten worden daarom ook meestal s’-avonds gehouden. De Joodse jaarkalender bestaat uit een aaneensluiting van diverse feesten. De feesten bezitten allemaal een eigen karakter en worden omgegeven met speciale gerechten, gezangen, gebeden, verhalen en riten. Hier onder staan de belangrijkste Joodse feesten:

1.     Rosj Hasjana: Joodse nieuwjaar. Het begin van een tiendaagse boetedoening die eindigt in de grote verzoendag (Jom Kippoer). In de maand voorafgaand aan het nieuwe jaar wordt er dagelijks op de ramshoorn (de Sjofar) geblazen, om op deze wijze de mensen op te roepen om berouw te belijden en het nieuwe jaar goed te beginnen.

2.     Jom Kippoer: op de grote verzoendag vragen de Joden vergeving voor al hun zonden en de niet nagekomen religieuze verplichtingen van het afgelopen jaar.

3.     Soekot (loofhuttenfeest): gezinnen bouwen een hut met een half open dak in de tuin, waar zij gedurende één week de  maaltijden nuttigen. Het doel hiervan is om de tijden te herdenken waarin de Israëlieten in tenten in de woestijn leefden. De Soekot valt samen met het einde van de oogst.

4.     Simchat Thora: op het einde van de Soekot worden de Thorarollen in een optocht door de synagoge gedragen. Hiermee wordt het einde van de jaarlijkse lezingscyclus van de Thora aangegeven.

5.     Chanoeka: op het feest wordt een achtarmige kandelaar gebruikt, waarbij iedere arm één dag symboliseert. Het moet de gelovige herinneren aan de tijd waarin Judas Maccabeüs een Griekse overheerser versloeg en de tempel opnieuw inwijdde. Er was nog slechts voor één dag olie om het eeuwige licht te laten branden. Het duurde echter acht dagen om nieuwe olie te hebben gemaakt. Als een wonder bleef de lamp acht dagen branden en werd toen pas bijgevuld.

6.     Toe Bisjwat: nieuw jaar van de bomen. Het is een feestdag voor het milieu. Op deze dag worden overal bomen geplant.

7.     Poeriem: op deze dag wordt Esther, de Joodse vrouw van de Perzische koning Xerxes, herdacht.

8.     Pesach: het Joodse paasfeest. De uittocht uit Egypte wordt herdacht. Het feest duurt acht dagen en gedurende deze periode eten de gelovigen Matzes (ongerezen brood). Dit als een levende herinnering dat de Joden tijdens de uittocht slechts op Matzes leefden. Op de eerste avond van de Pesach wordt er een Sederschotel genuttigd. Het is samengesteld uit ingrediënten die symbool staan voor de uittocht uit Egypte.

9.     Sjawoe’ot: het wekenfeest. Het is een feest ter gelegenheid van de graanoogst, als ook een dankfeest dat Mozes de Thora op de berg Sinai heeft ontvangen van God.

10. Tisja Be’aw: gedenkdag voor de catastrofen die het Joodse volk heeft ondergaan, als ook een gedenkdag voor de gestorven. De dag staat in het teken van rouw en vasten. Zo worden onder meer de slachtoffers uit de tweede wereldoorlog herdacht.

 

 

Alle rechten voorbehouden aan Gert van Veen en PsychoWerk 2004 (c). Voor meer informatie stuur je een e-mail naar: psychowerk@planet.nl